Goodnight Irene 

´Irene goodnight, Irene goodnight 

Goodnight Irene, Goodnight Irene 

I´ll see you in my dreams´

Het is 4 november 1950 als de spelers van Plymouth Argyle aankomen bij het oude Eastville Stadium van Bristol Rovers. Het is al aardig druk rond Eastville want de wedstrijd Bristol Rovers v Plymouth Argyle is dan ook wel een kleine derby te noemen en daarnaast staan beide clubs in de subtop van de Division Three South. Ook zijn er veel Argyle-fans meegereisd uit Plymouth. De sfeer zat er al snel goed in, zeker toen een Plymouth-fan met een accordeon enkele hits uit die tijd ten gehore gaf aan de zijlijn van het veld. Ook bracht hij het oude ‘Goodnight Irene’ ten gehore, een lied dat geschreven werd in 1908 en pas opnieuw was uitgebracht door Frank Sinatra. Het gaat over een man die gaat trouwen, vervolgens al snel weer gaat scheiden en zijn verdriet vervolgens wegdrinkt in donkere gure pubs in de stad en alleen in zijn dromen zijn Irene nog ziet.

Prachtige poëzie natuurlijk maar nog erg weinig met voetbal te maken. Als Plymouth Argyle in de eerste helft al snel een 0-1 voorsprong neemt, gebruiken de Argyle-supporters het lied om de Rovers-fans te pesten. Maar in de tweede helft is alles anders. Binnen een tijdsbestek van 8 minuten scoort Bristol Rovers 3 keer en veel Argyle-fans verlaten voortijdig het Eastville Stadium. Maar niet voordat ze luid worden toegezongen door de Rovers-fans. Op de melodie van ‘Goodnight Irene’ zingen de Rovers-fans ‘Goodnight Argyle’.

Sindsdien is ‘Goodnight Irene’ het befaamde clublied van Bristol Rovers, ontstaan in 1950 na een thuiswedstrijd tegen Plymouth Argyle. Ongeveer 66 jaar later bezoek ik met maatje Michael een thuiswedstrijd van Bristol Rovers. De tegenstander luistert naar de naam ‘Plymouth Argyle’. 

Eigenlijk was het de bedoeling om vandaag onze eigen Aston Villa in het uitvak aan te gaan moedigen in de derby tegen West Bromwich Albion. Maar wat nog nooit eerder gebeurd was, gebeurde er. Aston Villa heeft nooit moeite een uitvak vol te krijgen en ondanks dat deze altijd uitverkocht raken, kunnen wij als officiële supportersclub altijd aan tickets komen. Daarnaast ben ik ook nog een member die na de seizoenkaarthouders meteen aan de beurt is betreft tickets. Maar West Bromwich Albion bewees eens te meer dat de club haar Premier League status eigenlijk niet waard is. Daarvoor heeft het een te kleine aanhang, maar vooral een te klein stadion. Zo kreeg Villa dusdanig weinig tickets dat zelfs vele seizoenkaarthouders teleurgesteld werden. Wij dus ook.

Nou ja, Michael leek niet echt teleurgesteld. Mijn maatje is meer een realist dan dat ik dat ben (ook wel wat negatiever van aard) en hij heeft zich allang neergelegd bij een degradatie van Villa, terwijl ik bij elk behaald punt tegen beter weten in toch weer wat hoop heeft. Daarnaast hebben we samen al vele topweekenden in Engeland mogen beleven. In hoeverre echte vriendschap nog bestaat, trek ik meer en meer in twijfel maar Michael en ik zijn dat zeker wel. We hebben samen veel legendarische weekenden in Engeland meegemaakt, waar we onderling ook nog veel over napraten, alleen was er op bijna elk weekend wel een smetje. En dat was vaak het vertoonde spel van onze eigen Aston Villa, onze gezamenlijke passie. Gelukkig vinden we het erg gaaf om naast Villa ook andere Engelse wedstrijden te bezoeken en wat dat betreft hebben we samen al een mooie geschiedenis opgebouwd.

Zodoende werd de vlucht en reis niet gecanceld, maar zochten we al snel een andere wedstrijd uit. Al snel kwamen we uit bij Bristol Rovers vs Plymouth Argyle en dit had zeker voor Michael een reden.

Later in die week kon ik alsnog aan tickets komen voor West Brom v Villa, maar Michael wou er niet meer aan, hij had zich hier nu op ingesteld. En hoewel Villa altijd mijn voorkeur geniet, vond ik het ook al snel prima.

Meestal bezoeken we in een weekend een wedstrijd of 3, maar dit zou een zogenoemde vluggertje gaan worden. De vlucht was al geboekt en daarom vlogen we ‘as usual’ op Birmingham om vanaf daar met de trein naar Bristol te gaan. Zo ver is dat ook weer niet. Ik was al eens eerder met de trein vanaf Birmingham naar Cheltenham gereisd en dat lag ongeveer op de helft en dus was dit prima te doen op één dag.

De vader van Michael heeft een verleden in Bristol, sterker nog, hij is geboren in het Bristol Rovers gebied, maar werd later fan van Cardiff City. Daarom was het voor Michael extra speciaal om naar een thuiswedstrijd van Bristol Rovers te gaan.

Bristol was één van de weinige grote steden in Engeland waar ik nog niet geweest was, dus ook ik verheugde me op iets nieuws in Engeland, iets dat toch steeds moeilijker wordt. Michael wist me te vertellen dat het de 6e stad van Engeland is.

Uiteraard is het voetbal in Bristol het meest bekend om de eigen stadsderby. Het is eigenlijk een geografische-derby te noemen. De clubs Bristol City en Bristol Rovers liggen niet bepaald dichtbij elkaar zoals bijvoorbeeld bij Liverpool en Everton het geval is. Daardoor is het veel duidelijker welke Bristolian nou voor Bristol City en welke voor Bristol Rovers is. Dat is dus gewoon geografisch bepaald, afhankelijk van waar je woont of in welk gedeelte van de stad je geboren bent.

In de week voorafgaand werd ik op twitter herinnerd aan het clublied van Bristol Rovers, Goodnight Irene. Welke Engelse voetbalfan kent het lied niet? Nu wist ik nog niets van het ontstaan van het lied af en ook niet dat dit na aanleiding van een wedstrijd tegen Plymouth Argyle ontstaan is, precies de wedstrijd die wij gingen bezoeken.

‘Goodnight Irene’ van Bristol Rovers is eigenlijk het ‘You’ll never walk Alone’ van de Football League, een Engelse voetbalfan moet er eens live het kippenvel bij krijgen.

Er zitten meestal een paar maand tussen voordat Michael en ik elkaar weer eens zien. Logisch want Venray en Groningen ligt nou niet bepaald op loopafstand uit elkaar. Daarom was het weer extra fijn om hem Michael weer in de armen te vallen. In het vliegtuig en in de trein naar Bristol bestookten we elkaar weer met onze eigen humor die niemand op deze wereld begrijpt en leuk vindt, behalve wij.

We genoten al met volle teugen en zouden de korte tijd die we met elkaar hadden volledig op gaan snuiven. Een paar keer merkten we op dat we helemaal niet zenuwachtig waren voor Villa, wellicht was dat om het feit dat we gewoon zo goed als zeker al gedegradeerd zijn.

Naast de vele humor was er ook tijd voor serieuze praat, maar hoe dichter de trein Bristol naderde hoe meer Bristol Rovers het onderwerp van gesprek werd.

De stad Bristol heeft twee redelijk grote treinstations. Het welbekende Bristol Parkway, maar ook Bristol Temple Meads een station dat even verderop gelegen ligt. De trein dat via Bristol in Plymouth zou eindigen, zou eerst gaan stoppen op Bristol Parkway en daarna op Bristol Temple Meads. Michael had vooraf tickets gekocht tot Parkway, dit omdat het vooraf boeken van treintickets vele malen goedkoper is in Engeland. Maar we wouden voorafgaand aan de wedstrijd nog even naar het verbouwde Ashton Gate van de aardsrivaal en stadsgenoot Bristol City gaan en dan zou uitstappen op Bristol Temple Meads vele malen goedkoper zijn.

Het mag misschien wat ongebruikelijk zijn, maar ik heb mijn leven lang altijd netjes betaald voor bustickets of voor treintickets, zelfs op momenten dat ik wist dat ik niet gecontroleerd zou gaan worden. Maar nu besloten we om tijdens het stuk van Bristol Parkway tot Temple Meads te blijven zitten en dat terwijl de conducteur nog niet langs was geweest. We zaten te gniffelen als kleine kinderen en vonden ons nieuw gevonden avontuur toch best een beetje spannend. Als de conducteur zou gaan komen zouden we voor domme Hollander gaan spelen, iets wat wel vaker geholpen had voor andere Engelse zaken.

Het duurde een eeuwigheid voordat de deuren sloten op het station van Bristol Parkway, maar uiteindelijk begonnen we aan onze illegale rit.

Het duurde niet lang voordat Michael aangaf alvast naar de deur te willen gaan en ik snelde me achter hem aan. Mietjes blijken we wel te zijn, maar zonder nog een controleur tegen te komen kwamen we aan op het station. Daar aangekomen moesten we alsnog gematst worden want in Engeland moet je altijd je ticket nog door een paaltje heen halen, maar de beveiliger maalde er niet om.

Ashton Gate was ook vanaf dit station nog te ver om te lopen, dus pakten we een taxi. Om Ashton Gate voor het eerst te bezoeken zijn we eigenlijk te laat. In de week voorafgaand had ik ze op tv nog live zien spelen in de FA Cup tegen West Bromwich Albion en ondanks dat ik een fobie voor nieuwbouw-stadions heb, leek deze me nog wel aardig te worden. We stapten uit de taxi en tussen typische Engelse huizen door zagen we Ashton Gate van Bristol City Football Club. Ashton Gate leek me daardoor en op dat moment nog steeds alleraardigst. Dit totdat we dichterbij kwamen. Toen realiseerde ik mij dat we hier nooit hadden moeten komen, het was namelijk veel erger dan dat ik me had voorgesteld, Ashton Gate wordt een ramp en is al een ramp geworden. Hier wordt het Old Fashion voetbal totaal uitgemoord en anders dan bij andere nieuwe stadions, worden hier korte metten gemaakt met elk facet dat het Engelse voetbal authentiek maakt. Een voordeel van dit bezoek is dat ik nu weet nooit meer tijd en geld aan een thuiswedstrijd van Bristol City hoef te verspelen. Ik hou me niet bezig met regels van anderen, dus de echte ’92 hoef ik op deze manier niet te halen. Daarvoor ben ik veel te veel een liefhebber. Iedere neutrale fan die een wedstrijd van Bristol City verkiest boven één van Bristol Rovers moet eigenlijk weg blijven uit het Engelse voetbal. Dan kun je net zo goed naar Duitsland gaan, daar waar elke bak hetzelfde lijkt te zijn.

We liepen het stadion rond en het deed echt even heel erg pijn. Bristol City en Ashton Gate zijn tot voor kort nog authentieke begrippen in het Engelse voetbal geweest, maar de vernielers hebben hier keihard toegeslagen. Ik kocht nog snel een boek in de supermoderne clubshop over de rijke en mooie historie van Bristol City Football Club. Zo kan ik nog eens een keer op een regenachtige zaterdag een reis gaan maken terug in de tijd om zo toch nog eens een beetje van de smaak van het oude Bristol City te kunnen proeven. Theoretisch zou ik hier met Aston Villa nog toevallig kunnen komen, maar voor nu sla ik het gekochte boek nog maar eens open, maar het nieuwe verhaal in het nieuwe ‘Bristol City-boek’ blijft bij mij keurig in de folie. 

Nou houden Michael en ik van eten op niveau, maar nog meer houden we beiden ontzettend veel van kip. De KFC tegenover Ashton Gate werd dan ook het hoogtepunt van dit bezoek. Vanaf nu konden we ons volledig gaan richten op Bristol City vs Plymouth Argyle en uiteraard ook op de klanken van het befaamde ‘Goodnight Irene’.

Ik belde een taxi die ons naar het Memorial Stadium moest gaan brengen. Dat moet wel eingzins dubieus geklonken hebben daar bij die taxicentrale.

‘Waar moet je opgehaald worden?’

‘Bij Bristol City.’

‘Waar moet je naartoe?’

´Naar Bristol Rovers.’

We vroegen de taxichauffeur om op 5 minuten loopafstand ons er al uit te gooien. Het lopen naar een nog onbekende ground is altijd iets heerlijks, helemaal wanneer je de flootlights voor het eerst ziet. Een paar jaar geleden speelde Villa bij Bristol Rovers om de Cup en ik vond het Memorial Stadium nooit zo bijzonder lijken. Van oorsprong is het ook een rugbyground en hoewel rugbygrounds mooi kunnen zijn, interesseren ze me voor geen meter. Maar dit wel als er een Engelse voetbalclub haar thuiswedstrijden in speelt. Het Memorial Stadium heeft allerlei verschillende tribunetjes, iets dat rommelig kan ogen, maar daar tegenoverstaand heeft het Memorial Stadium binding met de omgeving en dan is het meteen helemaal goed. Zodra je huizen ziet terwijl je in het stadion zit, dan bevindt je je eigenlijk al meteen in een top ground.

In de taxi kwam ik er achter dat Bristol echt wel een typisch Engelse stad is, iets dat Michael natuurlijk al wel wist en me ook vooraf verteld had. Het heuvelachtige deed me denken aan San Francisco, maar dan is Bristol daarbij echt wel authentiek Engels te noemen.

Toen we naar het stadion toeliepen begon het genieten echt. De omgeving rond Bristol Rovers is echt Engels. Het was eens te meer een erg goede keuze geweest om eerder uit de taxi te stappen, want als we ons pal voor de ground hadden latten af zetten, hadden we erg fraaie Engelse uitzichten gemist. De flootlights waren al snel tussen de daken van de huizen te onderscheiden en heel Bristol was te zien vanaf een heuvel waar een echte Engels uitziende straat. met typisch Engelse arbeidershuisjes aan weerskanten naar beneden liep. Dit kon wat mij betreft al niet meer stuk.

Rond de ground was het al erg druk en overal was al blauw en wit te zien. Dit was voetbal zoals het overal in de jaren ’70 a ’80 beleefd werd en hier bij Bristol Rovers anno 2016 gebeurt dat dus nog steeds. Dit is precies waar ik op zoek ben bij het afstruinen van voetballand Engeland.

We maakten ons rondje rond de ground voor zover dat mogelijk was en uiteraard werd er in de clubshop nog een mok en een paar leuke boeken gescoord, waaronder één over de Bristol Derby. Ook wat dat betreft was ik weer een blij en geslaagd man.

Inside de ground liepen we nog wat rond, maar we hadden al snel door dat we een plekje op de terrace moesten gaan zoeken, want het stond al redelijk vol en dat zou nou niet bepaald minder gaan worden.

Bristol Rovers had het hart van Michael inmiddels gestolen. Ook bij mij stormt de club de top 20 op zijn minst zeker binnen. Niet omdat de ground nou zo fraai is, die zijn er wel mooier, maar gewoon het totaalplaatje is perfect.

De Plymouth-fans

Links van ons stonden de Plymouthfans, fans die ik eerder live bij een wedstrijd in Luton tegen Luton Town had meegemaakth. Ze stelden qua geluid ietwat teleur vandaag. Tegenwoordig maakt een uitvak meer geluid dan het thuispubliek, maar dat was vandaag niet bepaald het geval. Ik hoor vaak dat mensen het raar vinden dat er in een uitvak vaak meer sfeer is dan in het hele stadion bij het thuispubliek. Dit komt simpelweg doordat er enkel en alleen fanatiekelingen mee naar uitwedstrijden gaan. De fanatiekelingen zitten bij een thuiswedstrijd toch vaak wat verspreidt en dan hebben ze ook nog te maken met de vrouwen en kinderen die normaliter nou niet bepaald zorgen voor agressie, sfeer en geweld.

De fanatieke aanhang van Bristol Rovers

Rechts van ons bevonden zich de fanatiekelingen van de Bristol Rovers. Deze stonden op een fraaie terracing en lieten zich van begin tot eind goed horen. Met opzet hadden we tickets met zicht op deze terrace gereserveerd, want de sfeer krijg je dan naar je toe en vaak vind ik dat leuker dan er middenin te staan. Tegenover ons stond die lelijke rugbytribune geparkeerd, maar gedurende de wedstrijd werd het apparaat van lelijkheid bijna mooi. Het paste wel. Ook helpt het wel dat Bristol Rovers over enorm fraaie thuisshirts beschikt, echt een identiteitsteken van de club. Ik vind het altijd mooi als beide clubs in het thuistenue spelen, maar dat was vandaag helaas niet zo. Plymouth Argyle speelde niet in het eigen donkergroen maar jammerlijk in het geel, iets dat mij totaal onnodig leek maar dat terzijde.

De lelijke maar mooie rugbytribune

Het wachten was nu op de eerste tonen van ‘Goodnight Irene’, iets waar we ons beiden erg op verheugden. We hoefde er niet lang op te wachten, want nog voordat de warming-up afgelopen was werd het lied voor de eerste keer opgestart. Het was nog wat summier wat mij betreft, maar gelukkig werd ‘Goodnight Irene’ later in de wedstrijd echt ‘kippenvelmooi’, nadat Bristol Rovers had gescoord. Het is echt super dat een club een dergelijk clublied geadopteerd heeft nadat het ooit eens automatisch en toevallig is ontstaan.

Ik keek de terrace eens rond en zag genoeg lelijk uitziende mannen waarop dit lied toch wel een beetje op van toepassing moest zijn. Een Bristol Rovers fan die al staande naar de wedstrijd kijkend uit volle borst ‘Goodnight Irene’ zingt en dan denkt aan zijn ex die hij stilletjes toch wel mist. Waarschijnlijk zijn Bristol Rovers en de plaatselijke pub de belangrijkste redenen geweest voor de breuk tussen de fan en zijn Irene, maar dat zal de fan vermoedelijk nauwelijks beseffen. Het is zo Engels. De man die houdt van zijn club en van zijn pint en daardoor zijn vrouw soms even vergeet. Bij het lied ‘Goodnight Irene’ kun je van alles bij verzinnen, het heeft een open eind, maar ook een open begin.

 

 

De wedstrijd begon en het was op en top genieten. Een heerlijke januari zon had de kou verdreven en ondanks dat wij omschreven kunnen worden als grote Villafans, maakten we ons daar minder zorgen om dan anders. Voor mij stond een man die op zijn smartphone om de 5 minuten de standen uit de Premier League checkte, hij had duidelijk een weddenschapje lopen. Telkens keek ik even over zijn schouder mee en telkens zag ik bij West Bromwich Albion v Aston Villa een 0-0 tussenstand staan.

Achteraf zouden we horen en zien dat Villa de betere ploeg was geweest, een penalty had moeten krijgen, maar dat het uiteindelijk 0-0 was gebleven. De wedstrijd was typerend voor dit seizoen. Natuurlijk zijn we waarschijnlijk niet goed genoeg, de ranglijst liegt niet al weet ik daar wel een ander verhaal bij te vertellen. Maar we hebben ook geen greintje geluk, ook vandaag weer met die penalty. Een andere Villafan, waaronder Michael, heeft zich waarschijnlijk al lang neergelegd bij degradatie. Tegen beter weten in had ik bij elke goede prestatie weer valse hoop gekregen, maar na het gelijkspel van vanmiddag wist ik het ook zeker. Het eens zo grote Aston Villa gaat degraderen uit de Premier League.

 

In het Memorial Stadium was het ondertussen 90 minutenlang genieten en wat zou het mooi zijn als Bristol Rovers wist te winnen van de koploper op het moment dat wij er live getuige van zouden zijn. En dat gebeurde ook nog bijna.

 Bristol Rovers v Plymouth Argyle 1-1

 

24/1/16, Memorial Stadium, League Two

 

Bristol Rovers promoveerde vorig seizoen weer terug naar de Football League en staat dus knap op een play-offs positie en trad vandaag aan tegen de koploper Plymouth Argyle. The Pelgrims bleken op het veld in een stampvol Memorial Stadium over meer voetballend vermogen te beschikken en was aanvankelijk ook de betere ploeg. Plymouth kwam in de eerste helft tot tweemaal toe dichtbij een doelpunt, met name toen een schot uiteenspatte op de lat. De tweede helft was een stuk leuker om naar te kijken, te meer omdat Bristol Rovers puur op wilskracht zich in de wedstrijd vocht en zelfs de bovenliggende partij werd. Een kleine 10 minuten voor tijd werd de onvermoeibare en tomeloze inzet van Bristol Rovers beloond met een doelpunt en leek een verassing in de maak. Gaffney zette goed door en zorgde ervoor dat het leder in de rebound voor het hoofd kwam van teamgenoot Bobin en met een harde kopbal van dichtbij liet de invaller Plymouth-doelman McCormick volstrekt kansloos. De overwinning leek in de tas te zijn totdat twee minuten voor tijd Plymouth-middenvelder Simpson besloot uit te halen en zijn inzet fraai achter Rovers-doelman Mildenhall het doel in zag verdwijnen.

 

Links van deze tribune stonden wij op de terrace 

Toen we s´avonds aankwamen in Birmingham gingen we ons eerst even wat opfrissen in het hotel om daarna wat te gaan eten. Michael wou naar de Weatherspoons, maar deze zat overvol en was al op de komende uitgaansnacht ingericht. We gingen daarom maar weer eens naar Jimmy Spicers. Het restaurant waar je zoveel Indian Food kan eten wat je wilt tegen een vast bedrag met daarbij een heerlijke grote fles Cobra bier erbij. Dat is een Indiaans biertje dat binnen de Dutch Lions door het leven gaat als Dutch Lions Bier. Wij hebben als Dutch Lions legendarische nachten gekend in het nachtleven van Birmingham, die begonnen zijn bij Jimmy Spicers onder het genot van Cobra bier.

Vandaag hadden we een lange dag gehad en daarbij zijn we (en zeker Michael) niet bepaald de jongsten meer, waardoor de Cobra er wel insloeg en daarmee de vermoeidheid ook. Na het eten besloten we nog een rondje op Broad Street te gaan lopen om niet met een uiterst volle maag op bed te gaan. We zouden na een douche lekker Match of the Day gaan kijken, na gaan genieten van de dag en dan lekker saai gaan slapen. We liepen nog langs diverse striptenten waar ze ons graag naar binnen wouden hebben en waar we in het verleden ook diverse malen binnen zijn geweest. Maar we trotseerden de verleiding en hielden de ponden deze avond voor de verandering eens op zak.

Niet veel later lagen we op onze hotelkamer lekker onder de warme wol naar Match of the Day te kijken. Michael deed nog van zich spreken op een manier die ik hier echt niet beschrijven mag, want niemand zou dat ooit gaan geloven op een member van de Dutch Lions (ik zal zijn naam niet noemen) na, want er is ooit iemand geweest die deze Michael-praktijken ook eens in levende lijve ondervonden heeft.

Met moeite bleef ik wakker totdat Gary Lineker eindelijk West Bromwich Albion vs Aston Villa aankondigde. Toen die samenvatting afgelopen was beleefde ik in gedachten nogmaals deze dag en ons bezoek aan Bristol Rovers Football Club.

We hadden wel een hele fraaie en echt Engelse voetbalclub bezocht en waren weer een fraaie ervaring rijker. Mijn slaap won het uiteindelijk van mijn gedachten en ondanks dat ik door vermoeid geen slaapliedje nodig had, zong ik er toch nog ééntje zachtjes en teder in mijn hoofd.

‘Goodnight Bristol Rovers. I’ll see you in my dreams.’

 

 

Live: 'Goodnight Irene'

 

Alle foto´s van deze wedstrijd: http://nl.fotoalbum.eu/Ferdivilla/a863354

 

Laatst bijgewerkt: januari 2016
www.engels-voetbal.nl (since 2010)  |  engelsvoetbal@yahoo.com