Eindelijk eens naar Roots Hall, hoe lang leeft Thurrock FC?

Vakantie in België. Een thuiswedstrijd van Standard Luik kan de honger niet stillen. Het hoeft van mij gewoonweg niet.
Van Groningen naar Calais is een pokke eind rijden maar wat doet een mens wel niet om de honger te stillen?
Het voetbalseizoen is amper begonnen en twee volle maanden zijn verstreken zonder een voet op Engelse bodem.
Het wordt weer eens tijd. Ook de rit van vakantieadres Stavelot naar Calais is 'ver' te noemen maar nog altijd minder ver dan vanaf Groningen.
Mijn vrouw zet eigen belangen weer eens voor mij opzij en stemt toe. Tijdens de vakantie mag ik even naar huis.

Vorig seizoen heb ik met William van Holsteijn al het één en ander mogen ervaren in het beloofde land. Hij is degene met wie ik op dinsdag 6 augustus in Gent afspreek om samen weer onze passie te gaan beleven. De ploegen uit de Football League spelen om de eerste ronde van de League Cup.
Swindon Town en Wycombe Wanderers staan lang op de nominatie als de te bezoeken clubs, maar geen van beide wordt het.
Ik mag zeggen dat ik al vele Engelse clubs bezocht heb. Maar er was een club waar ik nog nooit geweest was en waar veel bekenden al wel waren geweest.
Ik wist dat het slechts een kwestie van tijd zou zijn wanneer ik er eens zou gaan komen. Het stadion zal ongetwijfeld één worden die mijn top 10 binnen zou gaan stormen.
De vraag was nog steeds wanneer? William hakte de knoop door. Het werd 6 augustus 2013. Het werd het authentieke Roots Hall van Southend United.
De Shrimpers zouden het opnemen tegen Yeovil Town.

Uiteraard ben ik een vaste kijker van de Football League Show. Het Studio Sport van de BBC waar men alle samenvattingen en/of doelpunten laten zien uit de Engelse lagere divisies. Mede door dit programma kan ik genoeg details vertellen over de grounds waar ik nog nooit ben geweest. Bij Roots Hall fascineerde mij al jarenlang elke keer iets als de beelden van de thuiswedstrijden van Southend United naar voren kwamen. Meestal zijn dit in mijn geval oude Stands of andere typisch Engelse details.
Maar wat betreft Southend United en Roots Hall was dit uitgerekend de nieuwste tribune.
Een krappe Two Tier Stand (dubbeldekker) achter het doel heeft me altijd al gefascineerd. Nog vaker heb ik gelezen dat het zicht vanaf die tribune op het veld ´excellent´ moet zijn.
Hoe kan het ook anders? Zo dicht op het veld en dat toch op de tweede ring! Ooit zou ik op de voor mij zo befaamde tribune een wedstrijd gaan zien. Maar vanavond niet.
Vanavond wil ik er goed foto´s van kunnen maken en dat gaat nou eenmaal niet zo goed als je er zelf op zit nietwaar?

Het minste wat ik kon doen was nog even een ontbijtje nuttigen met mijn gezinnetje. Maar het hoofd was al dusdanig op hol dat ik maar één ding wou. Zo snel mogelijk de auto in.
Talloze keren was mijn bestemming al eerder Engeland geweest en nog steeds had ik er enorm veel zin in. Dit verveelt nooit!
Bergen zijn er niet in de Ardennen. Ik noem het heuvels want het is mooi maar niet echt indrukwekkend. Op die manier reed ik even later heuvel op en heuvel af richting Luik.
Ik zou België van Oost naar West moeten doorkruisen maar ook dat was nog steeds niet zo ver als Groningen normaalliter is. Na amper een half uur was ik onder Luik door gegleden en was Brussel de volgende grote stad die ik zou gaan passeren. Op de ringweg van Brussel zag ik nergens de floodlights van het stadion van Anderlecht, als ze die al zouden hebben.
Mijn voetbalinteresse ligt enkel en alleen in Engeland en op dit moment was ik enkel en alleen geïnteresseerd in de floodlights van Roots Hall. En ik wist dat de floodlghts van Roots Hall zijn zoals ze moeten zijn, het gaspedaal werd daardoor weer iets dieper ingetrapt.

Amper een uur later liet William via een sms weten al op de ontmoetingsplaats, iets na Gent, aanwezig te zijn. Ik schatte voor mijzelf nog 20 minuten. Dit kwam precies zo uit en 20 minuten later waren de handen geschud. In Duinkerken gingen we vervolgens verder in één auto en na wat beleefdheden uitgewisseld te hebben ging het gesprekstof al snel over onze gezamenlijke passie.

William mag net als ik de titel 'Anglofiel' met zich meedragen. Het is niet alleen het Engelse voetbal maar de hele Engelse cultuur die ons aantrekt. Sommige dingen zijn gewoonweg niet uit te leggen en vaak brandt ik daar mijn vingers dan ook maar niet aan. William is voornamelijk fan van het oude Wimbledon (Dat bijzondere verhaal is te lezen onder 'Club in Picture'.).
Verder heeft hij sympathie voor Leeds United en Celtic en heeft hij dat recent ook gekregen voor 'mijn' Aston Villa. Buiten dat William een bijzonder prettig persoon is om naar Engeland te gaan heb ik nog een reden dat ik hem graag aan mijn zijde heb. Tot tweemaal toe hebben we samen een uitwedstrijd van Villa bezocht en tot tweemaal toe wonnen 'we'. Toch is hij meer geïnteresseerd in de clubs, en vooral de grounds, uit de lagere divisies. En dat kwam goed uit met Roots Hall en Southend United v Yeovil Town in het vooruitzicht.

Tot nu toe waren we lovend geweest over het systeem en de dienstverlening van de trein welke je dwars door de Noordzee richting Engeland brengt. Die mening heeft na deze trip toch een deukje opgelopen.
Een klein foutje in de boeking zorgde ervoor dat er een nieuwe retourticket gekocht moest worden welke twee keer zo duur was. Schandalig! De Fransen trekken je weer eens grandioos een poot uit.
Men had geen extra werk of kosten door deze fout en exact dezelfde dienstverlening werd verleend. Toch stolen de Fransen even 140 euro.

Dat we beiden Anglofielen zijn bleek een half uur later in Engeland. Vanuit de tunnel rijdt je direct de snelweg op wat het bovendien erg ideaal maakt. Op de snelweg is nog niets van het geliefde Engeland te zien. Enkel een slecht wegdek en wat vuilnis in de berm onder de vangrail is het aanblik. Het was zelfs mooi weer waardoor een Engels gevoel eigenlijk niet gemakkelijk op te roepen is.
Toch voelde het voor beiden als thuiskomen. Al hadden we ook nog een blinddoek voor gehad. We zijn weer in Engeland en dat voel je!

Meestal ga ik met het vliegtuig en de keren dat ik met de auto ging reed iemand anders. Nu zat ik zelf achter het stuur en was het links rijden toch wel even wennen. Toch ging me dat redelijk goed af en togen we richting onze eerste bestemming. Thurrock FC.

Thurrock FC ken ik door mijn website. Sinds 2010 hou ik nauwgezet alle uitslagen en standen bij en Thurrock speelde in het seizoen 2010/2011 in de Conference South, zeg maar het 6e niveau van Engeland en het laagste niveau wat ik destijds met mijn site volgde. Thurrock degradeerde echter waardoor ze daarna even uit mijn zicht geraakten.
Maar foto;s voor dezelfde website waren mijn doel, dit gepaard met een mooie mok voor mijn verzameling.
De borden waren typisch Engels en dus mooi. Half afgebladerde letters maakten ons namelijk diudelijk dat we bij de ground van Thurrock FC waren. Een hek stond open dus even later waren we binnen.
Aan de overkant van het veld was iemand bezig met het prachtige grasmat en aan onze zijde zagen we af en toe een schrim van een oude man. Er waren dus twee mensen aanwezig.
Ik stelde William voor om links om het veld heen te lopen zodat we de man pas later tegen zouden gaan komen en eventuele onvriendelijkheden zodoende even konden uitstellen en zodat de foto's in dat geval al in de knip zouden zijn.
Maar we waren immers weer in Engeland dus zou de hospitality, zoals zo vaak eerder, wel weer van een ongekend hoog niveau zijn.

Toen we halverwege het speelveld waren maakten we foto's van de enige maar uiterst fraaie stand die Ship Lane van Thurrock FC bevat. De groundsman was tot nog toe doorgegaan met zijn werk maar leek nu te bellen. Niet veel later zagen we met wie. Aan de andere kant van het veld stond de oude man eveneens met een mobieltje in de hand. Hij was het die ongetwijfeld zijn personeelslid had gebeld om te vragen of de groundsman misschien wist wie die 2 vreemdelingen zijn met die fototoestellen.
Langzaam maakten we ons rondje af en naderden vervolgens de groundsman van Thurrock FC.
Dit was duidelijk een Engelsman maar toch ook geen prototype. Hij was namelijk niet vriendelijk. William maakte nog wat foto's en ik liep op de man af om een gesprekje met hem aan te knopen.
'Wat doe je in mijn tuin? Wat zal je er van vinden als ik in jouw tuin zou komen?' Blafte hij mij onmiddellijk toe. Ik probeerde hem snel duidelijk te maken dat we enkel en alleen geïnteresseerd waren in zijn club en niets kwaads in de zin hadden. William voegde zich bij mij en ook hij kreeg de vraag van de tuin. William vroeg hem takt-vol waarom de man nou zo kwaad was en begon tegelijkertijd vragen te stellen over deze kleine club. Langzaamaan veranderde de houding van de man. Na nog wat kleine onvriendelijkheden werd hij zelfs vriendelijk en begon ronduit te praten.
Complimenten van onze kant over de grasmat zorgde helemaal voor de ommekeer. Trots vertelde hij dat de vrouwen van West Ham United hier pas nog waren verslagen door de vrouwen van Arsenal.
Dat West Ham hier kwam zei natuurlijk genoeg over zijn perfect onderhouden grasmat.

Vervolgens snelde hij zich naar een schuurtje om terug te komen met een programmablaadje van de vrouwenwedstrijd. Hij verontschuldigde zich zelfs al voor het feit dat hij slechts beschikte over 1 exemplaar. Na nog wat foto's van de Stand die we ondertussen genaderd waren namen we langzaam afscheid. We liepen langs een geel-groen schuurtje wat de fanshop voor moest stellen.

Ik kon het niet laten en vroeg of het mogelijk was een mok te kopen voor mijn verzameling. De man deed interessant om zijn zakken na te voelen om vervolgens te concluderen dat hij geen sleutels bij zich had en
dat Tom de Chairman net weg was voor een boodschap. Na kort overleg konden we morgen eventueel terugkomen. Thurrock FC ligt pal naast de snelweg waar we toch weer langskwamen dus die afspraak was snel gemaakt.

Buurman Aveley FC was het volgende slachtoffer voor een bezoek. Die club zegt mij veel minder en ken ik alleen van de standen die ik op de voet volg. Amper 5 minuten later reden een grindachtige oprit op dat
als ingang moet voldoen voor Mill Field van Aveley FC. Al snel naderden we een groot hek waar een hangslot aan hing met een cijfercode. 'Het oprichtingsjaar van de club!' Dacht ik meteen.
Maar hopelijk wordt het me vergeven dat ik die van Aveley FC (of all Places, zoals William zou zeggen) niet uit mijn hoofd weet. William was inmiddels het hek al op geklommen en werd meteen getrakteerd in een soort van zwarte teer in zijn blouse en broek maar vooral op zijn handen. Hoewel hij zijn dochters al groot heeft, heb ik dat niet en brachten luierdoekjes in het dashbordkastje uitkomst. We maakten wat foto's over en door het hek heen maar dit stelde ons niet tot volle tevredenheid.

Links van ons verrees namelijk een parel van een tribune welke achterkant al Engels lelijk, en dus mooi was. Aveley Football Club was in grote geverfde letters erop te lezen.

We besloten het daarom verderop naar links te proberen en keerden de auto om vervolgens door een typisch Engels buurtje te komen dat onder de naam 'Aveley' door het leven gaat. Of all Places.
We bereikten een oerwoud van brandnetels en andere dwaze struiken maar zagen verderop ook een hek die ons een beter uitzicht op Mill Field moest gaan verschaffen. William had in lange broek het hek al bereikt, omzeilde dit keer het aanwezige teer en zijn fototoestel deed al zijn werk. Ik kon ondanks mijn korte broek natuurlijk niet achterblijven maar maakte eerst prachtige kiekjes van een echte groundhopper, welke de 50 al is gepasseerd, en wie nu met een vieze broek een oerwoud was getrotseerd en in een onnatuurlijke houding foto's stond te maken van het veld van Aveley FC. Of all places.

Een 'normaal' mens zou dit nooit kunnen begrijpen

Even later stond ik ook op het hek en zag een verschrikkelijk slecht veld waar elke waterpass defect zou gaan raken. Ze moesten hier duidelijk in de leer bij de vriendelijke groundsman van buurman Thurrock FC.

Het was tijd voor de hoofdmaaltijd. De rit naar Southend on Sea was niet ver meer en was tevens prima vermakelijk. Ik was nog nooit eerder in dit gedeelte van Engeland geweest. Villa speelt namelijk niet wekelijks een uitwedstrijd bij Southend United.

De romanticus weet de nut van floodlights. Ze zijn het eerste herkenningspunt van een echte Footballground. Het zijn de 4 lichtmasten die zorgen voor dat echte en zo typische voetbalgevoel. Mijn passie voor floodlights komt door het oude Oosterpark stadion van FC Groningen, waar ik als jochie veel avondwedstrijden heb mogen zien. Het Oosterpark was Engels. Maar het Oosterpark is er niet meer en de floodlights verdwijnen in sneltreinvaart uit het voetbal. Maar Roots Hall heeft ze nog. Ik werd even weer dat jongetje dat naar FC Groningen ging. Ik zag ze namelijk als eerste. De floodlights van Roots Hall.

Ze doemden vanuit het niets rechts van ons op en even later draaide ik de Citroën de parkeerplaats van Southend United Football Club op. De clubshop verscheen links naast ons maar een mok hoefde ik hier niet te scoren, die had ik 2 seizoenen geleden al eens van een metgezel ontvangen. We parkeerden de auto en William voegde er meteen aan toe dat we die hier mooi konden laten staan.
We zouden doen wat we altijd doen en ik altijd gewend ben te doen. Eerst een rondje rond het stadion lopen voor wat foto's. Met William op pad heeft al eerder deuren voor me geopend. Ook nu deed hij zijn naam eer aan want er stond een hek open.
Uit eerdere ervaring wist ik dat William, die voorop liep, niet zou twijfelen. We zouden naar binnen glippen. We zouden binnen luttele seconden, amper 4 uur voordat de wedstrijd zou gaan beginnen, langs het veld van Roots Hall staan. Binnengekomen maakte ik snel een tiental foto's. Dit voor het geval dat ze ons eruit zouden flikkeren. Een beste man trouwens die mijn fototoestel zou gaan afnemen!
Hoewel we wel wat mensen tegen kwamen belette niemand ons het binnentreden van Roots Hall. William heeft hier een uiterst werkbare theorie voor. Zo normaal mogelijk lopen en vooral niet de toerist uithangen. Mensen denken dan vaak dat je hier hoort of dat je iets komt brengen of iets dergelijks. Maar mijn fototoestel had het zwaar en maakte overuren waardoor ik er echt wel als een toerist uitzag. Mijn hart ging sneller kloppen van Roots Hall en ik zag dat William ook zichtbaar genoot. Genieten deden we dus nu al en dan moest de wedstrijd nog beginnen! Dan moesten de floodlights nog gaan branden!

We maakten ongestoord ons rondje. Alle Stands op Roots Hall zijn parels! Maar ik maakte vooral veel foto's van mijn favoriete stand. De 'dunne dubbeldekker', zoals ik hem zo vaak in mijzelf genoemd heb. Talloze keren genoot ik van de tribune als deze op de Football Leagueshow langs kwam. En nu was ik er dan eindelijk zelf en zag ik hem in het echt. En op het moment dat ik me dat realiseerde slaakte ik een kreet van verrukking.

'Excellent seats'! Riep ik William toe.

Ik wou er niet op zitten omdat ik er foto's van wou hebben maar die had ik nu al! William stemde meteen toe. We zouden die avond niet op de mooiste tribune uit het Engelse voetbal gaan zitten, maar wel op de tribune die me altijd het meeste opgevallen is. Het zou precies in het midden op de 1e rij gaan worden. We beklommen 'mijn' tribune en testen onze plekken. Fantastisch wat een view! We zouden recht op de koppen van de spelers kijken. Nog amper 3 uur te gaan.

Ondanks dat we dorst hadden gekregen en de onmisbare pint genuttigd moest gaan worden besloten we om eerst nog een rondje buitenom het stadion zouden gaan doen. We zouden onze Southend-avond perfect gaan inrichten. Ook daarom is William voor mij een perfecte metgezel. Vele anderen hadden zich allang aan mij geërgerd en zich in de pub verstopt maar William niet. Sterker nog, William ging voorop in de strijdt.

Uiteindelijk belanden we toch in een pub. Het was er één alleen voor de homefans maar omdat ik even daarvoor een polo van Southend United had gekocht in de clubshop, en deze meteen had aan getrokken, kwamen we probleemloos binnen.
We dronken elk 2 heerlijke pints gevuld met Stella Artois, mijn favoriete bier in Engeland. Even bedacht ik me dat het Belgisch bier was maar daar wou ik even niet aan denken. Ik was nu even in het beloofde land.
Toen we erover nadachten nog een 3e pint te nemen schrokken we van de tijd. Ik had toch teveel naar de Belgische tijden gekeken. We moesten ons begeven naar 'mijn' tribune. Lekker op ons gemak naar de warming up kijken en genieten van Roots Hall die weliswaar voor de League Cup niet vol zou gaan stromen.

Ik vertelde William voor de zoveelste keer dat ik op een verlenging hoopte toen we ons weer begaven naar Roots Hall. Zo 'n tochtje hoort ook bij een echte voetbalavond. Tussen fans met de shirt van hun club om de schouders naar het stadion lopen. In mijn donkerblauwe polo hoorde ik er helemaal bij. Toen we de hoek omkwamen zagen we ze branden. De floodlights van Roots Hall, het avondje was al compleet. Natuurlijk is een spectaculaire wedstrijd met een indrukwekkend scoreverloop en een paar rode kaarten een welkome bijkomstigheid maar het is wat mij betreft enkel en alleen mooi meegenomen. Ik heb het in het verleden namelijk wel eens gepresteerd te genieten van een bloedeloze 0-0.
Bijvoorbeeld een keer op de City Ground van het befaamde Nottingham Forest.
William denkt veelal precies zo en daarom waren we niet eens heel erg teleurgesteld toen de wedstrijd ronduit tegenviel.
Southend United bracht erg weinig en was duidelijk de mindere van Yeovil Town die we bij vlagen zelfs betrapten op prima verzorgt positiespel.

(Het exacte wedstrijdverslag is onder 'Wedstrijdverslagen' elders op deze site te lezen)

De gasten zouden na een half uur spelen het enige doelpunt van de wedstrijd maken.
Pas na pakweg 80 minuten viel de eerste fatsoenlijke aanval van de thuisclub te noteren en kwamen The Shrimpers pas in blessuretijd dichtbij een doelpunt, maar ex-West Ham United keeper Marek Stech had namens Yeovil Town een goed antwoord.
Southend United ging futloos ten onder tegen Yeovil Town. Een verlenging was mij niet gegund.

De aftocht bracht ons nog even langs wat nostalgische trekjes van Roots Hall. Ondertussen trilde mijn telefoon in mijn broekzak. In Nederland wilde iemand met smart weten of ik Roots Hall nou mooier vond dan Griffin Park van Brentford FC.
Ik gaf nog niet direct een antwoord want die had ik nou eenmaal niet panklaar en een nieuwe discussie met William was zodoende geboren. We kwamen er andermaal achter dat we dezelfde mening hadden. Roots Hall was prachtig, maar een re-visit hoeft op korte termijn niet persé te gaan gebeuren, al zou het nooit een straf gaan worden. We hadden onze hoofdmaaltijd achter de kiezen en kregen hierdoor een verzadigd gevoel. De honger naar Roots Hall was eindelijk gestild en de honger naar andere en onbekende grounds deed zijn intrede. Dit gevoel werd sterker dan een re-visit aan Roots Hall.

De rit naar ons hotel was er één van 7 minuten. De locatie deed de naam van de stad eer aan want hij lag echt aan ´Southend on Sea´. De boulevard en de binnenstad van Southend on Sea leek echter volledig uitgestorven terwijl hij me zelfs deed denken aan een boulevard van pakweg Torremolinos. Na een paar pints in de nagenoeg lege lobby van het hotel kwam er een einde aan een dag vol met nieuwe Engelse nostalgische ervaringen.

De volgende dag zouden we elk grotendeels in de auto door moeten brengen. Maar niet voordat we de ground van Dagenham & Redbridge op de terugweg hadden bezocht. De club heeft me op onverklaarbare wijze toch altijd wel aangetrokken. Het stadion, Victoria Road, kan nog niet in de schaduw staan van Roots Hall en verder had ik nog geen live ervaringen met de club. Toch kan je de naam heerlijk Engels uitspreken en heb ik de shirt altijd uiterst fraai gevonden. Na een heerlijk Full-English Breakfast in het hotel gingen we op pad.

Roots Hall doemde niet veel later nog één keer links van ons op maar verdween al snel in de achteruitkijkspiegel. Ik verwachte niet veel van ons bezoek aan Dagenham & Redbridge want het stadion leek me (foto´s kennende) hermetisch afgesloten.
Ook op een mok van Dagenham & Redbridge had ik weinig hoop en ik hoopte dan ook vurig dat de vriendelijke groundsman van Thurrock FC zich aan zijn woord zou houden. Mits we daar nog kwamen!

Dagenham is een redelijk nette wijk, voor Engelse begrippen zelfs Posh, en ook daar hebben mensen de plaatselijke voetbalclub letterlijk in de tuin. Heerlijk lijkt me dat. Dat je 5 minuten voor de aftrap je vrouw gedag zegt om de wedstrijd te gaan bezoeken en haar vraagt of ze in de rust de koffie klaar heeft omdat je dan een kwartiertje thuis bent.

Toen we de entrance van Dagenham & Redbridge Football Club, dat uitkomt in de League Two (4e niveau), binnenliepen verdween mijn laatste hoop op een blik in het stadion. Die hoop was helemaal verdwenen toen een plaatselijke mank lopende man ons zei dat het vandaag niet mogelijk was om bij het veld te komen. Ik vond een nieuw slachtoffer die eveneens niet echt zin had om met een Hollander een gesprek aan te gaan. Ik begon snel over een jammerlijke nederlaag die de club die avond ervoor bij Brentford geleden had en een kort gesprek was zodoende toch geboren. Toen ik over mijn mokkenverzameling begon zei de man dat de clubshop op de woensdag gesloten was en verdween hij naar binnen. Zo was ook die hoop definitief vervlogen.
'Dan maar op huis aan.' Dacht ik hard op.
We liepen nog even door en maakten een paar foto's van de eveneens hermetisch afgesloten achterkant van Victoria Road. Zelfs met William erbij zouden we dit keer niet binnen komen. Maar op het moment toen ik dat dacht kwam mijn metgezel met een nu al legendarische
opmerking.

'Ik heb een hek open zien staan'. Zei hij dan ook.

Dat was mij nog niet opgevallen en snel liep ik achter hem aan. Even later bleek er inderdaad een hek open te staan en William was al bijna binnen toen ik hem vroeg of we het niet eerst zouden moeten vragen.

'Nee, want dan kunnen ze 'nee' zeggen'. Was zijn tweede legendarische uitspraak binnen een tijdsbestek van een minuut.

Ik snelde me achter hem aan naar binnen en de truc kwam weer van toepassing. Lopen alsof je hier thuishoort.
Even later schoten we foto's van een erg gezellig stadionnetje zonder dat de nostalgie ervan afdroop. Niet veel later hadden we dan ook genoeg foto's en liepen we terug naar het openstaande hek toen we mensen tegenkwamen. Ik verstopte m´n fototoestel een beetje en deed zo normaal mogelijk. De truc van William werkte. Vanuit mijn ooghoeken zag ik iemand naar ons kijken. Je zag hem twijfelen. Hij wou eigenlijk vragen wat we hier kwamen doen. We liepen echter door alsof het de normaalste zaak van de wereld was dat we daar liepen en de man zei uiteindelijk niets en zo kwamen we ongestoord weer naar buiten, dit met Dagenham & Redbridge-foto's rijker.

Als ik dacht dat we nu alles beleefd hadden kwam ik bedrogen uit. Niet veel later zag ik Thurrock op de verkeersborden staan en William begreep mijn wens. Na een kleine twijfel leidde hij mij toch links rond ingewikkelde rotondes naar de parkeerplaats van Ship Lane. Daar aangekomen slaakte ik een kreet van verrukking. De auto van de vriendelijke groundsman stond er en deze trip zou toch nog een mok gaan opleveren. Door de ervaringen van gisteren had de beste man twee pionnen voor de ingang gezet. Die stonden er door ons zo ver was duidelijk. William liep uiteraard weer vooraan en was inmiddels achteloos de Oranje-Witte voorwerpen gepasseerd. De vriendelijke groundsman was weer bezig aan de andere kant van het veld. William riep hem waarop de man terug groette om vervolgens meteen alles uit zijn handen liet vallen en op ons af begon te lopen. Maar dat was niet nodig. De oude man van gisteren was inmiddels in onze rug verschenen en William vertelde hem meteen over onze afspraak. Of we misschien een mok konden kopen. Dat was geen enkel probleem en snel haalde hij een bos sleutels tevoorschijn die ingang verschafte tot de indrukwekkende clubshop van Thurrock FC. We slopen achter de man aan naar binnen die inmiddels twee kanarie-gele mokken in zijn handen had. Ik had mijn portemonee reeds in mijn handen maar dat was niet nodig.

'Dit is een cadeau van Thurrock FC aan jullie en Thurrock FC ben ik namelijk zelf'.

Ik vertelde hem dat ik wist dat ze twee jaar geleden nog in de Conference South speelden en de man keek blij verrast naar me op. Een Nederlander die iets wist over Thurrock FC was hem klaarblijkelijk nog niet eerder overkomen waarop hij 2 sjaals tevoorschijn toverde en die eveneens aan ons overhandigde. William maakte daarop een opmerking over de prachtige Stand van zijn Ship Lane en we moesten daarop meteen meekomen.
Even later stonden we in het kantoor van Tom South, voorzitter van Thurrock FC. De man haalde een oude fotoboek tevoorschijn en begon te vertellen. We smulden ervan. Het kantoor bevatte talloze ervaringen van de man uit zijn eigen voetbal verleden.
Herinneringen van het WK van 1990 in Italië van het nationale elftal van Engeland tot en met West Ham United-legende Bobby Moore aan toe prijkten op de wanden van het kantoor.
De man bleek eveneens een groot West Ham United-supporter te zijn, zoals zoveel mensen in dit gebied van Engeland.
Ondertussen waren we onder de indruk van de fotoalbum van de man. Tom South was eigenaar van het hotel aan de rand van Ship Lane en was/is klaarblijkelijk behoorlijk gefortuneerd.

Hij vertelde dat hij het hotel had verkocht en uit hobby deze voetbalclub in 1985 begonnen was. Bij de volgende foto's kreeg ik zowaar kippenvel. Op de foto's was de bouw van de Stand te zien. De ietwat jongere Tom South was hierop zelf bezig met de bouw. De voorzitter heeft dus ook letterlijk zelf deze voetbalclub opgebouwd! Andere foto's uit midden-jaren '80 lieten ons een erbarmelijk slecht veld zien waar een grasprietje een zeldzaamheid was. Anno 2013 lag er echter een uiterst indrukwekkende grasmat in het stadion van Thurrock FC.
Ik bedacht me dat de man de clubkleuren ook zelf bedacht moest hebben. Een West Ham-fan die kiest voor groengele kleuren van Norwich City in plaats van het Claret and Blue van West Ham United. Ik vroeg het hem.

De keuze had te maken met een oud Engels geldbiljet die deze kleuren ooit droeg. De vader van Tom South, ongetwijfeld al overleden, had zijn zoon verteld dat deze kleuren geluk brachten en de clubkleuren van Thurrock FC waren zodoende geboren.
William was ook zichtbaar onder de indruk en stelde bovendien een zeer interessante vraag voorafgaand aan een waarlijke stelling:

'U heeft niet het eeuwige leven. Wat gebeurt er met de club als u er niet meer bent?'

De man zuchte.

'Ik ben de club dus die houdt dan op te bestaan. Dat is erg verdrietig is het niet? Maar er is gewoon niemand die deze club wil en kan voortzetten.'

De terugreis naar mijn vakantieadres in België was er één vol met tegenslag. Van vertraging bij de trein gepaard met talloze files in Frankrijk en vooral België waardoor ik pas tegen 8 uur s' avonds weer bij vrouw en kind was. Bij Duinkerken had ik afscheid genomen van William en bij Gent voor het laatst naar hem gezwaaid. Ik ging richting Brussel en hij sloeg af richting het zuiden van Nederland. William had nog meer pech dan ik en was een uur later thuis. Middels SMS liet hij mij zijn ergenis meerdere malen blijken. Het kon me niets schelen. Een Groninger die een keer eerder thuis was dan een Hollander. Dat mocht zo wel eens een keer zo gaan.

Mijn eigen pech in het verkeer kon me eveneens niets schelen. Ik genoot uren achterelkaar na van Roots Hall. Maar nog meer dacht ik aan Thurrock FC. Of heet die club niet toevallig Tom South?

Ik droomde verder.

In die droom zag ik mijzelf op de stand van Ship Lane zitten. Ik zelf had de Stand vernoemd naar Tom South.

Zittende op de 'Tom South-Stand' keek ik naar de verrichtingen van 'mijn' Thurrock FC dat voor mijn ogen promoveerde naar de Football League. Thurrock FC zou voor altijd voort blijven leven. Maar mijn droom niet. Die eindigde toen ik de auto parkeerde voor ons vakantiehuisje in het Belgische Stavelot.

 
July 2013
www.engels-voetbal.nl (since 2010)  |  engelsvoetbal@yahoo.com